Bloedonderzoek

Bij de intake krijgt iedere zwangere een lab-formulier mee waarmee in het ziekenhuis bloed geprikt kan worden. Het bloed wordt standaard nagekeken op: glucose, Hb-gehalte, bloedgroep, Rhesusfactor, Lues, hepatitis-B en HIV. Is je rhesusfactor negatief dan wordt rond de 27 weken op de praktijk nogmaals bloed geprikt. Daarnaast prikken wij ook enkele vitamines mee om je ook bij je gezondheid optimaal te kunnen begeleiden. Tevens zal er rond 30 weken zwangerschap via een vingerprik op de praktijk bloed afgenomen worden ter controle van het glucose- en het Hb-gehalte.

Prenatale screening

Het is mogelijk om – al vroeg in de zwangerschap – onderzoek te doen naar het risico op een kindje met het syndroom van Down, Edwards of Patau.

Je kunt kiezen uit twee verschillende testen:

  1. De combinatietest. Dit bestaat uit een bloedonderzoek bij de zwangere en echo-onderzoek van het kind. Het onderzoek kan gedaan worden tussen 11 en 14 weken zwangerschap. De combinatietest berekent hoe groot de kans is dat uw kind down-, edwards- of patausyndroom heeft.
  2. De NIPT. Dit is een bloedonderzoek bij de zwangere. Het onderzoek kan vanaf 11 weken zwangerschap.

De NIPT ontdekt meer kinderen met down-, edwards- en patausyndroom en de uitslag van de NIPT klopt vaker dan de uitslag van de combinatietest.

Zwangeren kunnen vanaf 1 april 2017 kiezen voor de NIPT, maar dat kan alleen als zij meedoen aan een wetenschappelijke studie (TRIDENT-2).
Indien gewenst kan de verloskundige je hier meer informatie over geven in het counselingsgesprek. Ook is het goed om even te kijken op http://www.onderzoekvanmijnongeborenkind.nl, hier vind je meer informatie en een keuzehulp die kan helpen bij het maken van de keuze voor wel of geen onderzoek.

Rond de 20 weken kun je een echo laten maken die de lichamelijke ontwikkeling en de groei van het kindje bekijkt. Er kunnen dan mogelijk lichamelijke afwijkingen geconstateerd worden. Deze echo wordt vergoed door de zorgverzekering. Je kunt hiervoor terecht bij het ziekenhuis of het echocentrum. Hierover kunnen we je tijdens een counselingsgesprek meer informatie geven.